mail@sinoutskerke-baarsdorp.nl

Geschiedenis

van de Heerlijkheid Sinoutskerke

De geschiedenis van de Heerlijkheid Sinoutskerke

Over de geschiedenis van de heerlijkheid Sinoutskerke is minder bekend dan die van Baarsdorp. Wat we weten is dat in de jaren 1330-130 een deel van de heerlijkheid van "mijn Vrouw van Wissenkercke" is. In 1431 stond deze ambachtsportie echter op naam van "die Here van Vere", dat is Hendrick II van Borssele. Dit ambacht is dan overdeeld te volgen tot het omstreeks 1470 een deel van het ambachtsbezit van "de grave van Bouchem", namelijk Wolftert VI van Borssele, zoon van Hendrick II, werd en niet meer afzonderlijk geregistreerd werd.

De rest van de heerlijkheid Sinoutskerke was verdeeld in drie ambachtsporties van elk 33 gemeten, 100 roeden die eigendom waren van Dieric Florens sone; Jan, Heinric ser Gillis s.s.; en Jan, Gillis Jans s.s. en in vier porties van 12,5 gemeten die toebehoorden aan Symon Jans sone; Gheerlof Jans sone; Clays Jans sone en Willem Jans sone. Reeds in 1449 was dit deel van de heerlijkheid overgegaan op Olivier van Everinge en Pieter Annoke, waarna het vóór 1469 opgenomen werd in het ambachtsbezit van de eerdergenoemde 'graaf van Bouchem', dat daarmede tot 333,5 gemeten en 17 roeden steenschietens was gegroeid.

De opvolgende eigenaars van dit ambacht waren:

Jaar Beschrijving eigenaren
1330-1340 De heerlijkheid was in 7 porties verdeeld.
1430 Olivier van der Maelstede; Wolphert tser Florens sone; Jan van der Maelstede en Lodewijc van der Maelstede
1437 De portie van Jan van der Maelstede gaat naar Wolphert tser Florens s. en Wolfert tser Lodewijcs sone
1440 Willem van Everinge verwerft 1/3 van het ambacht van zijn vader Olivier van der Maelstede, dat is 24 gemeten en 83 roeden. Later krijgt hij er de overige 2/3 bij
1445 Olivier van Everinge verwerft 1/3 van het ambacht van zijn vader Willem van Everinge
1449 Pieter Annoke krijgt 88 gemeten, 118 roeden van het ambacht van Wolfert tser Lodewijcs s. en Wolphert tser Floris s.
1469 De gehele heerlijkheid is nu in handen van de 'grave van Bouchem'
1487 Philips van Bourgondië, Heer van Beveren, is nu heer van de heerlijkheid als 'kercke voocht van vrou Anna van Borssele zijn geselnede, die des heren van bochems haers vaders waren
1509 De heerlijkheid is via jkvr. Charlotte van Bourgondië, dochter van Hr. Philips, op jkvr. Anna van Cruninghen, haar dochter, overgegaan.
1515 Adolff van Bourgoingen, heer van Beveren en van der veere, heeft de heerlijkheid van zijn zusters dochter Anna van Cruninghen overgenomen.
kort na 1543 Maximiliaan van Bourgoingen, Markgraaf van Veere en Vlissingen, heeft de heerlijkheid van zijn vader overgenomen. Hij liet dit na aan zijn zuster Jacoba, die met de heer van Kruiningen gehuwd was.