mail@sinoutskerke-baarsdorp.nl

Veerrecht

heerlijke rechten

Onder veerrecht verstaat men het recht om, met uitsluiting van ieder ander, personen en goederen te mogen overzetten c.q. per beurtschip te vervoeren. Het veerrecht behoorde tot de rechten van de souverein, dat wil zeggen aanvankelijk aan de keizer en later voor wat betreft de Zeeuwse eilanden aan de graaf van Holland en Zeeland.

De graaf kon het recht van veer aan zich behouden en het zelf exploiteren door middel van verpachting, waarvan in Zeeland enige voorbeelden bekend zijn tot in de zestiende eeuw. Gewoonlijk gaf de graaf het recht van veer in leen bij akten van belening met een ambachtsheerlijkheid. Het recht werd in deze akte, de zogeheten verlijbrief niet apart genoemd, maar viel onder de ambachtsgevolgen.

In de vroege jaren van de heerlijkheid Baarsdorp werd het veerrecht uitgeoefend voor de oversteek naar Heinkenszand, wat toen nog een eiland was. Door het inpolderen van het gebied rondom Heinkenszand, dat rond het jaar 1400 voltooid werd, werd het veerrecht een slapend recht. Dit is tot op heden het geval: bij afwezigheid van groot water in het heerlijkheidsgebied kan de huidige ambachtsvrouwe haar recht niet uitoefenen.

Heerlijkheden Sinoutskerke en Baarsdorp, moderne historie!